Kruim


Kruim is hetgeen wij onze lezer op de buitenplaats
serveren, kruim verwekelijkt in een zee van zoet.
Een petfles vol obese waarden, zijn leesvoer tot
een wespenval. We vangen hem met intellectuele

lokstof, zijn trek naar kennis, letteren en strips.
We zagen hem vervolgens halverwege door
met een aantrekkelijke kaart in blokken en klaar is
Kees de jongen met zijn jeugdroman. Verlekkerd

stort hij zich op onze uitgelezen smaak, onthaalt zich
op een chocoladefabricaat - we weten hoe we hem
zijn letters moeten doen vergeten, de brui doen geven
aan het woord. Hij slikt zijn eind als bibliofiel voor

warme stroopkoek. Wij, onzerzijds bewust discreet,
wij stellen deze zoetelijke gruwelmoord met puur
vergif naar eigen keus gedienstig in de schaduw
van zijn hoge cultureel gebouw – en niet te boek.