Niet herkend
Ik had hem niet meteen als mens herkend in het ochtenddonker van de Naaierstraat. Ik dacht aan zijn gestorven jongvee dat de boer, bedekt met lap of zeil in een hoek van het voorerf achterlaat, de willoze destructiewaar die de wagen met de grijparm wel te vinden weet voordat hij met kabaal de dijk op draait, uit zicht.