Onmiskenbaar


Berust maar, leg je neer bij wie je hiervoor en eerder. De zomer is over, het volgende seizoen. Twintig lentes, god, kinderen op je dertigste, veertig alras. Geen toegang meer tot braakliggende landjes. Voort hobbel je als een rijdende trein, de tunnel nadert. Onmiskenbaar geurt de herfst.