Wat mij niet mag


Ik draag niet meer dan vaag benul van wat ontrust. Kwaad kiest mijn hoofd om rond te dwalen. Angst schijt verlammend op verweer. Mijn aangetaste zelf draait als een karrenwiel dat krijst en siddert. Er wellen schrikgedachten en verkrampingen en beelden die te boven gaan. Zorg schept wat mij niet mag.