Goede bekende (8)


Als KunstpuntGouda naar de Garenspinnerij gaat
en in mijn atelier komt zodat ik eruit zou moeten,
wil ik graag een ruimte in het St. Jozef paviljoen
op de plek waar ik geboren ben,
links van de oude ingang ergens bij het tweede raam.

Mijn zus is daar ook geboren en onze amandelen zijn er geknipt.
We mochten bij een non op schoot.
Zij bracht ons in slaap met een rubberen kapje.
’s Nachts zong mijn zus keihard psalmen.
Dat deed ze thuis nooit.
Misschien was het gevoeligheid voor de historie die door het gebouw waart.
Of de nonnen hadden iets in het mengsel
van zuurstof en anesthesiegas gedaan.
Mijn zus was wel de enige bij wie het werkte
want de andere kinderen op zaal riepen: "Hou je kop!”

Later heb ik er mijn oma’s hand vastgehouden en toen
het hartbewakingsapparaat overging in een langgerekte piep
heb ik naar het plafond gekeken omdat ik had gelezen
dat je ziel dan nog even boven je lichaam blijft zweven.
Volgens mijn tante heeft half Gouda in dat ziekenhuis gelegen
en onze hele familie.

Lijkt me mooi om iets van te maken.
In mijn nieuwe atelier..