De jonge dichters
175
de jonge dichters
267
leven veel
156
door leeftijdloze
266
wegen.
184
ieder jong mens
226
mist, zou Mulisch zeggen.
158
vlak na zijn geboorte,
271
geschiedenis
106
En zijn berusting
W I T T E N 426 - Ton Anbeek, De geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1885 1985
reacties op dit artikel
#1 | 08-09-10 | marianne meester
is het ooit de bedoeling geweest ,
zo er al bedoeld werd , dat de zaken
zouden kloppen ? Dat berusting en
inzicht zich zouden mogen verheugen
op compagnonschap van energie ?
#2 | 08-09-10 | stadsdichter
Waar lijnen samenkomen klopt het.
Op die plek blijft het even hangen
om Steigerung te maken.