Tegen de middag


De ruw geslepen zaagtand van de grachtbies kerft het ongelijke straatprofiel, mijdt ijzer aan de kant waar de stoffeerders knopenrijen langs de zitting van het wegdek hebben aangebracht en siddert op gepaste afstand van de huizen. Zo drijft de vakbekwame timmerman, de ochtend stevig in de lengte in verstek geklemd, zijn grofgebekt gerei wat dieper in de dag en splijt hem overlangs doormidden.