Einzelgänger


Ik ga de stad bekijken van de rand, haar kant verkennen als een bermtoerist. Ik laat mijn ogen gaan voorbij de grens en laaf me aan het kale achterland. Maar wie verdorie is de dubbelganger, de kerel of het achterlijke mens dat telkens opduikt, steeds iets langer, als heb ik daar een soort van remplaçant, een tweede ik op grondgebied van Vlist.