Huis uit het zicht


HET INNIGE TEHUIS

Zonder speelgoed uitgezonden
in het zonlicht en de lucht
bruisend met zijn rode mond en
spreidend de armen tot een vlucht,
ziet het jongetje de groepen
kiezel als wijken van een wereldstad
tussen ‘t gebergte van de stoep en
een gevallen espenblad.
Plots brengt hij het stoer gedruizen
der motoren van zijn mond tot staan
voor een steentje, dat hem als het huis der huizen,
waar hij van is uitgegaan,
innig - huiselijk kijkt aan.

Ode aan Witten - Pierre Kemp, De incomplete luisteraar 153