Fijnere emoties


De fijnere emoties van de geest zijn teer en delicaat van aard. Tal van gunstige omstandigheden moeten samengaan om ze ongehinderd en precies volgens hun algemene en gevestigde principes te laten werken. De veren van dit mechaniek zijn zo klein dat de minste uitwendige hindernis, de minste inwendige ontregeling, hun beweging stoort en de werking van het hele apparaat in de war stuurt. (David Hume, 1757)